Arbeider of bediende: dat bepaalt alles
Het systeem voor vakantiegeld verschilt fundamenteel tussen arbeiders en bedienden. In de horeca werkt het gros van het personeel — keuken, zaal, bar — als arbeider. Voor arbeiders betaalt niet de werkgever, maar een vakantiekas het vakantiegeld uit. Voor bedienden (vaak administratief of kaderpersoneel) betaalt de werkgever zelf. Weet dus eerst onder welk statuut je medewerker valt.
Voor arbeiders: de vakantiekas betaalt
De Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie (RJV) en de sectorale vakantiekassen innen je werkgeversbijdragen en storten het vakantiegeld rechtstreeks aan je arbeiders. Jij betaalt dus de bijdragen, maar de uitbetaling zelf verloopt via de kas — net zoals de eindejaarspremie via het Sociaal Fonds Horeca verloopt.
- Het brutovakantiegeld bedraagt 15,38% van het brutoloon (aan 108% voor arbeiders) van het vakantiedienstjaar — het jaar vóór het jaar waarin je vakantie neemt.
- Dat percentage dekt zowel het enkel als het dubbel vakantiegeld samen.
- Het wordt berekend over al je werkgevers van vorig jaar waar je als arbeider werkte.
- Op het dubbel vakantiegeld geldt een RSZ-inhouding van 13,07%, plus een solidariteitsbijdrage van 1% op het geheel.
Enkel en dubbel vakantiegeld
Het enkel vakantiegeld is je gewone loon voor de dagen dat je met vakantie bent. Het dubbel vakantiegeld is een extra — een soort vakantiebonus bovenop dat gewone loon. Bij arbeiders zit alles samen: de kas stort enkel én dubbel in één keer, en je krijgt op je vakantiedagen zelf geen apart loon meer (dat zat al in de uitbetaling van de kas). Bij bedienden betaalt de werkgever het gewone loon door tijdens de vakantie en stort hij het dubbel vakantiegeld apart.
Wanneer wordt het betaald?
De vakantiekassen betalen het vakantiegeld van arbeiders uit tussen 2 mei en 30 juni van het vakantiejaar. Je arbeiders kunnen hun bedrag, betaaldatum en aantal vakantiedagen zelf opvolgen via de online dienst ‘Mijn vakantierekening’ (moncomptedevacances.be).
Wat betekent dit voor je planning?
Omdat het vakantiegeld van arbeiders op het loon van vorig jaar gebaseerd is, telt vooral dat je de gepresteerde dagen en lonen correct hebt aangegeven. De uitbetaling zelf hoef je niet te doen — maar je moet wél weten wie wanneer vakantie neemt om je bezetting rond te krijgen, zeker in de zomerpiek wanneer het vakantiegeld net binnen is en iedereen tegelijk weg wil. Een planning die de opgenomen vakantiedagen per persoon bijhoudt, helpt je de drukke maanden bemand te houden.
Voor je arbeiders is vakantiegeld geen factuur die in mei op je bord valt — de vakantiekas betaalt, jij hebt het hele jaar door al bijgedragen.
Het korte antwoord
In de horeca werken de meeste medewerkers als arbeider, en dan betaalt de vakantiekas (RJV) hun vakantiegeld — niet jij rechtstreeks. Het brutovakantiegeld is 15,38% van het brutoloon van vorig jaar, enkel en dubbel samen, uitbetaald tussen 2 mei en 30 juni. Voor bedienden betaalt de werkgever zelf. Jouw rol bij arbeiders: correct bijdragen en aangeven, en je zomerbezetting plannen rond ieders vakantie.