Wat is een extra?
Een extra is een gelegenheidswerknemer: iemand die je voor een korte, afgebakende periode in dienst neemt met een arbeidsovereenkomst van bepaalde duur of voor een duidelijk omschreven werk, voor maximaal 2 opeenvolgende dagen bij dezelfde werkgever. Denk aan een afwasser voor één service of extra zaalpersoneel voor een banket. Werkt iemand meer dan 2 opeenvolgende dagen voor jou, dan moet je hem voor al dat werk als gewone werknemer aangeven.
Het gunstige forfait
Voor een extra worden de RSZ-bijdragen niet op het echte loon berekend, maar op een forfait — meestal lager dan het reële loon, wat de extra goedkoper maakt. Je geeft de Dimona in uren of in dagen aan, en dat bepaalt welk forfait geldt.
- Aangifte in uren (voor prestaties tot 5 uur): het forfait bedraagt €10,89 per begonnen uur (bedrag sinds 1 april 2025), met een maximum van 6 keer dat uurforfait.
- Aangifte in dagen (voor prestaties van meer dan 5 uur): het forfait bedraagt €65,34 per dagblok — precies 6 keer het uurforfait.
- Die bedragen worden periodiek geïndexeerd; controleer het actuele forfait bij de RSZ of je sociaal secretariaat.
Het forfait is enkel de berekeningsbasis voor de RSZ-bijdragen. Het loon dat je de extra effectief betaalt, volgt gewoon de horeca-barema’s van PC 302. Het forfait maakt de bijdrage voorspelbaar en doorgaans lager — niet het loon zelf.
De 50 dagen en de 200 dagen
Het gunstige regime is langs twee kanten begrensd, en beide tellingen lopen per kalenderjaar:
- De werknemer heeft een contingent van 50 dagen per jaar waarop hij als extra aan het gunstige forfait mag werken — over alle horecawerkgevers samen.
- Elke werkgever heeft een contingent van 200 dagen per jaar waarop hij extra’s aan het gunstige forfait mag inzetten.
Die twee staan los van elkaar. Gaat de werkgever over zijn 200 dagen, dan moet de extra onder het gewone regime aangegeven worden — ook al heeft die zelf zijn 50 dagen nog niet opgebruikt. En omgekeerd: zit de werknemer aan zijn 50, dan vervalt het forfait, ook al heeft de werkgever nog ruimte.
Overschrijd je een contingent, dan vervalt het gunstige forfait en gelden de gewone bijdragen op het reële loon. Via de gratis RSZ-toepassing Horeca@work – 50days zien werknemer én werkgever hoeveel dagen er nog over zijn. Hou daarnaast je eigen planning bij zodat je niet verrast wordt.
Dimona: EXT of OTH
Elke extra moet vóór de prestatie via Dimona aangegeven worden. Werk je zonder geschreven arbeidsovereenkomst, dan gebruik je het type ‘EXT’; werk je mét een geschreven overeenkomst, dan ‘OTH’. Je kiest tussen een aangifte in uren of in dagen — dat bepaalt meteen welk forfait telt. De aangifte verloopt doorgaans via je sociaal secretariaat.
Extra, flexi of student?
De drie regimes bestaan naast elkaar en dienen elk een ander doel. De extra is ideaal voor losse, korte prestaties (max 2 opeenvolgende dagen) met een voorspelbaar forfait. De flexi-job past bij wie elders al 4/5 werkt en regelmatig komt bijklussen tegen netto = bruto. De student werkt binnen zijn contingent van 650 uur tegen een lage solidariteitsbijdrage. Veel zaken combineren de drie — de kunst is bijhouden wie onder welk statuut werkt, en hoeveel dagen of uren elk nog heeft.
De extra is de snelste manier om een gat in je planning te dichten — zolang je weet hoeveel van je 50 en 200 dagen er nog over zijn.
Het korte antwoord
Een extra is een gelegenheidswerknemer voor maximaal 2 opeenvolgende dagen, met RSZ-bijdragen op een forfait van €10,89 per begonnen uur of €65,34 per dag (sinds 1 april 2025). Het gunstige regime geldt voor 50 dagen per werknemer en 200 dagen per werkgever per kalenderjaar; daarboven gelden de gewone bijdragen. De aangifte gebeurt via Dimona EXT of OTH, en je volgt je dagen op via Horeca@work.